Ik en Mij dat waren wij

Wij stoppen met deze weblog. Met de aankomende verkiezingen en andere activiteiten hebben we besloten er (voor nu) een punt achter te zetten. Wij wensen iedereen nog heel veel schrijfplezier!!!! En wie weet tot een andere keer.

juni 1, 2010
By on 20:22
Een beetje wraak

Terwijl ze het gas onder de sperziebonen lager draait, prikt ze met een vork in de pan met veel te veel geschilde aardappelen. In haar braadpan rolt een gehaktbal te veel in de boter. Ze zucht en vecht tegen de tranen. Ze weet het al heel lang dat haar zoon de deur uit zou gaan. Hij heeft een vriendinnetje en ze hadden besloten na zijn studie samen een flatje te gaan delen en afgelopen zondag heeft hij zijn tas ingepakt en haar een dikke zoen op de wang gegeven. Nijdig zwiept ze de extra gehaktbal nog eens onnodig om. Daarbij vallen spatten jus op de vloer, maar ook op haar broek die ze die ochtend zorgvuldig gestreken heeft. De sperziebonen zijn van de kook, de aardappelen over gaar en de ballen nog half rauw. Verdomme, vloekt ze inwendig. Tweeëntwintig jaren lang heeft ze voor hem gezorgd en nou opeens kan hij dat zelf. Met een vochtig doekje probeert ze de jusvlekken uit haar broek te vegen, maar de plekken worden alleen maar groter. Ze kan niet meer vechten tegen haar tranen en laat deze de vrije loop. Daarna zet ze het gas uit en giet ze de aardappelen af. Dan gaat de telefoon. Ze haalt diep adem en pakt op. Aan de andere kant de stem van haar zoon. Zijn vriendin moet overwerken en hij weet niet hoe hij zijn eten klaar moet maken. Of hij alsjeblieft thuis een hapje mee mag eten. Ze bouwt een grote glimlach op haar gelaat, dan lacht ze haar tanden bloot en zegt kalm: “Sorry zoon, maar ik heb helemaal niet op jou gerekend. Ga maar naar de snackbar. Dag lieverd.” Ze hangt tevreden op en geniet alvast van de extra halve bal gehakt op haar bord.

mei 25, 2010
By on 16:38
Lijnen

2003 Hij is niet leerbaar werd gezegd. Hij zal nooit kunnen zwemmen of fietsen. Hij zal nooit leren schrijven of lezen. Deze jongen heeft het niveau van een kind van anderhalf en hij is al bijna vier jaar. Hij kan nog niet uit een beker drinken, hij spreekt nog geen enkel woord. Een lepel vasthouden is voor hem onmogelijk. Hij is een boos en gefrustreerd mannetje, hij gooit en smijt met dingen en doet niet anders dan schreeuwen. De andere kinderen zijn bang voor hem.

Hij loopt de hele dag boeken uit de boekenkast te stapelen, hij stapelt tientallen cd’s steeds maar weer opnieuw. Het lichtknopje gaat tientallen keren aan en uit. Zijn auto’s liggen op de kop om aan de wieltjes te kunnen draaien.

2004 Hij zegt zijn eerste woordje “mamma”. Hij drinkt zelfstandig uit een beker, hij speelt liedjes foutloos op een speelgoed pianootje, hij trapt zijn longen uit zijn lijf op de driewieler buiten en hij gebruikt gebarentaal om zich verstaanbaar te maken. ’s Middags smeert hij zijn eigen brood en krijgt een vriendinnetje.  En dan het verlossende woord: Hij mag naar school. Niet naar een school voor zeer moeilijk lerende kinderen, niet naar het speciaal basisonderwijs (vroeger Lomschool genoemd), maar naar een school voor kinderen met gehoor en spraakproblematiek.

2010 Zijn woordenschat is hoog, met rekenen loopt hij zeventien maanden voor en met taal veertien maanden. Verbaal is hij enorm sterk, maar sociaal-emotioneel absoluut niet. Zijn rapport bestaat uit negens en tienen. Voordrachten verzint hij terplekke die met uitmuntend bekroond worden. Hij weet alles over mythologie, de bijbel, de landen en geschiedenis. Hij leert Engels en Frans. Hij tekent stripboeken vol over Galliërs en Vikingen. Hij schrijft verhalen over oorlogen en revoluties en soms op zijn eigen web-log. Mijn zoon.

Hij is niet leerbaar werd gezegd.

april 21, 2010
By on 18:41
Mensenkennis

De oude man nam plaats op het bankje in het park. Sinds zijn pensioen liep hij ’s middags een rondje in het park met zijn oude hond en nam dan plaats op “zijn” plek. Hij was een tevreden man. Hij had een lieve vrouw, een goede baan gehad en woonde in een heerlijk huis. Kinderen waren de deur al uit en hij en zijn vrouw hadden zeeën van tijd om dingen te ondernemen. Maar de hond uitlaten deed hij alleen, want dan nam hij de mensen om hem heen waar. Heerlijk vond hij om te fantaseren waar deze vandaan kwamen en wat ze zouden gaan doen. Hij was over het algemeen overtuigd dat hij een behoorlijke mensenkennis had. Zo zag hij verderop een vrouwtje lopen. Ze was al aardig op leeftijd dacht hij en hij vermoedde dat ze weduwe was. Hij zag haar elke dag, maar had haar nog nooit zien lachen. Achter een bosje zag hij een goedgeklede man met een jong vrouwtje. Die gaan vreemd, en ik denk al een tijdje ging er door zijn hoofd. Hij glimlachte. Hij was nog nooit vreemd gegaan. In die veertig jaar dat hij getrouwd was, heeft hij nooit de behoefte gehad. Tevreden hing hij achterover. Toen zag hij een man, waarschijnlijk ver in de veertig die in een drafje met een aktetas voorbij liep. De oude man moest hardop lachen…. Hij heeft vast een toupet dacht hij… en lachte verder. De man met de aktetas keek wat beschamend naar de oude man. Zo fantaseerde hij erop los tot hij er genoeg van had. Hij aaide zijn oude bes over zijn kop en probeerde moeizaam op te staan. Dan komt er een jong stel voorbij waarvan de dame naar de oude man liep. “Kan ik u helpen? Op uw leeftijd gaat het allemaal niet meer zo makkelijk hè?” De oude man pakte nijdig de riem van zijn hond en liep in snelle pas weg. Nooit is hij meer op dat bankje gaan zitten. Wat dachten ze wel niet van hem.

april 14, 2010
By on 18:02
Link

Hij duwt zijn handen hard tegen zijn oren, maar vanaf de trap hoort hij de woordenstroom vanuit de keuken zijn hoofd nog binnen dringen. Mamma is boos op pappa. Mamma is altijd boos op pappa, maar nu omdat hij geen luier bij hem had omgedaan. Pappa weet dat hij graag droog wil zijn ’s nachts en mocht daarom zonder luier slapen. Mamma vond dat slecht voor zijn zelfvertrouwen en was nu boos. Hij weet niet eens wat zelfvertrouwen is. Hij is pas vijf en vond het lief van pappa dat hij zonder luier mocht slapen, al was het bed vanmorgen helemaal nat. Pappa had gezegd dat hij dat ging wassen en dat het helemaal niet erg was. Van mamma mag hij niet zonder luier slapen. Ze heeft ook geen tijd om het bed steeds te verschonen zegt ze. Hij gaat een treetje hoger zitten. Onderaan de trap staat zijn koffertje met zijn knuffelbeestjes. Dan hoort hij weer zo’n moeilijk woord, verantwoordelijk. Wat is dat nou weer. Hij is met pappa gisteren naar zee geweest. Daar hebben ze gevliegerd en de golven uitgedaagd. Pappa deed zo gek op het strand, dat hij erg om hem moest  lachen. Daarna hebben ze lekker patatjes gegeten met visjes. Van mamma mag hij nooit patat eten, dat is ongezond voor een kind in de groei zegt ze. Hij besluit te huilen. Dikke tranen biggelen over zijn wangen in de wetenschap dat pappa en mamma even stoppen met ruziën. Ze gaan vertellen dat het niet zijn schuld is en dat mamma en pappa niet echt boos zijn, maar hij gelooft het niet meer. Hij weet heel goed dat het zijn schuld is, want om hem zien ze elkaar elke keer als hij bij pappa mag logeren. Hij is de reden van alle ruzies, hij is het…..

maart 24, 2010
By on 13:16
Kwelduivel

Ze begrijpt er niets van. Haar sloffen staan altijd hier, tenminste als ze die niet aan heeft. En nu zijn ze weg. Waarschijnlijk heeft zij ze in de schoenenkast gegooid en laat ze haar sloffen de sloffen. Het is maandagmorgen en dan is het haar “wasgoedwegwerkdag.” Voor haar staan twee manden vol met wasgoed van het afgelopen weekeinde. Ze is een rare wat wasgoed betreft. Ze splitst haar wasgoed altijd in vakken. Ondergoed bij elkaar, sokken bij de sokken, keukendoeken bij de stapel van de keukenhanddoeken en dweiltjes, en strijkgoed in de mand bij de rest van het strijkgoed. Na het splitsen begint ze fervent te vouwen. Wanneer het grootste deel gevouwen is, begint ze aan de stapel met het ondergoed. Nadat ze al het ondergoed heeft weg gevouwen wilt ze aan de sokken beginnen. Een beetje verbaasd kijkt ze naar de stapel waarvan ze overtuigd is dat die hoger moet zijn. Dat niet van alle sokken twee zijn, daar kijkt ze allang niet meer van op… dat is meer regel dan uitzondering, maar dat ze van geen enkele sok een paar kan maken, dat is nog niet eerder voorgekomen. Ze krabt zich op haar hoofd en gaat een bakkie halen… iets klopt er hier niet. Bij terugkomst is de stapel onderbroeken dusdanig geslonken dat ze hevig aan zichzelf begint te twijfelen, de stapel was toch hoger? Ze weet het zeker.. toch? Schuddend met haar hoofd loopt ze richting de tuin. Ze heeft behoefte aan wat frisse lucht, maar dan ziet ze pal voor haar neus nog net één van haar theedoeken de hoek om de keuken in gaan. Ze besluit haar theedoek te volgen. Voor ze de hoek om is, ziet ze nog net het puntje een andere hoek om gaan, de tuin in. Ze blijft haar theedoek volgen, ze heeft dat ding immers niet voor niets gewassen. En dan ziet ze: twee sloffen, zeven sokken, vier onderbroeken, één handdoek, één theedoek en één trotse pup!

maart 9, 2010
By on 10:21
De Verhalenverteller

Het boek zal niet dikker geweest zijn dan een halve centimeter, maar de Verhalenverteller haalde er ontelbare verhalen uit. Verhalen zo mooi dat ze iedereen troost boden en houvast. Het vreemde was dat niemand zijn verhalen kon navertellen want zodra je wilde beginnen was het verdwenen, als een droom die ´s ochtends langzaam verdween. Het verhaal lag op de punt van je tong, maar hoe je ook nadacht, je kwam er niet meer op. Toch wist je dat het mooi was, een innig tevreden gevoel gaf en als een warme deken over je heen viel. Elke vrijdagmiddag kwamen ze naar hem luisteren en na afloop gaven ze hem een hand, want meer wilde de Verhalenverteller niet accepteren. Zijn publiek werd met de week groter en groter en elke keer verdwenen de mensen met een euforisch gevoel. Maar toen opeens, als de Verhalenverteller wil beginnen, kwam er onvrede. De mensen wilden dichterbij de man zitten, wilden hem kunnen aanraken en er ontstond ruzie wat uitte in geweld. Niemand had in de gaten dat de Verhalenverteller vertrokken was. De ruzies bleven doorgaan en de Verhalenverteller kwam niet meer terug. Hij keek van een afstandje naar de menigte en schudde zijn hoofd. En dan het moment, waarop de Verhalenverteller zat te wachten. Stilte… de mensen waren het vechten moe en zagen opeens dat de man vertrokken was. Er ontstond lichte paniek, want naar wie moesten ze nu luisteren. Opnieuw stilte en het belangrijkste … schaamte. De mensen kregen in de gaten wat ze fout hadden gedaan. Ontevreden waren ze geweest, bang en hebzuchtig. Ze keken elkaar aan, gaven elkaar een hand en lachten over hun eigen domme acties. De Verhalenverteller stopte zijn boek onder zijn arm en wist dat zijn taak er op zat. Hij ging verder naar een andere plek. Het boek zal niet dikker geweest zijn dan een halve centimeter, maar de Verhalenverteller haalde er ontelbare verhalen uit.

maart 7, 2010
By on 11:52
Verkiezingen

Ik heb gestemd. Dat doe ik al sinds ik het recht heb om te stemmen en al was ik op mijn achttiende niet helemaal politiek bewust, ik stemde toch. Ook onder de motto van dat als je niet stemde, de grote partijen mijn stem zouden hebben. Dus met andere woorden, dan zou ik toch hebben gestemd zonder te stemmen. Nu stem ik bewust. Ik weet wat welke partij “wil” bereiken de komende vier jaar, maar dat maakt het stemmen niet makkelijker. Zeker niet als “mijn” partij deze keer niet meedoet. Ik heb de partijen één voor één geëlimineerd en dan blijft er eigenlijk geen enkele partij over, maar heb ik gekozen voor de partij die het langst op mijn papiertje bleef staan.
Het is jammer om te horen dat bijna 50% van de stemmen verloren zijn gegaan door mensen die niet stemmen. Ik begrijp heel goed dat het niet makkelijk is om een keuze te maken, maar ik geloof dat iedereen wel iets weet over de partijen. Dat de meeste mensen in ieder geval weten op wie ze niet willen stemmen. Over drie maanden zijn de landelijke verkiezingen. De kans is aanwezig dat er partijen in de regering komen die ik niet wil. Alleen daarom al stem ik. Dan is het in ieder geval niet mijn schuld dat juist die ene partij regeert en Nederland helemaal naar de verdoemenis wordt geholpen. Ik zal nooit zeggen op wie je moet stemmen of op wie niet, dat is een keuze die helemaal vrij is. Ondanks ik zelf verbonden ben met een partij zal ik deze niet bij je promoten (ik ben een slechte campagnevoerder), maar zal wel proberen de mensen te overtuigen te stemmen, al is het om je stem niet verloren te laten gaan naar een partij die mijn inziens ongewenst is.

maart 4, 2010
By on 11:27
Zorg

“Mam,” zegt hij terwijl hij plaats neemt naast haar op de bank. “Ik heb een probleem.” Hij steunt met zijn ellebogen op zijn knieën en plant zijn kin in zijn handen. Een diepe zucht volgt. Moeders legt haar breiwerk aan de kant en wrijft over de rug van haar negen jarige zoon. “Knul,” zegt ze dan. “Je hebt nog alle tijd om te verzinnen wat jij worden wil. Volgend jaar wil je misschien heel iets anders worden dan nu.” “Maar ik weet nu niet wat ik worden wil, hoe kan het volgend jaar dan anders zijn? Zijn stem klinkt luider en zijn armen maken bombastische gebaren. “Wat lijkt je dan leuk?” vraagt moeder voorzichtig. Haar zoon laat zich achterover op de bank vallen. “Dat is nou het probleem, ik vind alles leuk. Ik wil best wel meester worden, of bakker, of poelier, of boer. Ik wil ook pappa worden.” Opnieuw een zucht. “Ik kan wel goed huizen tekenen hè? Maar ik ben niet de beste huizentekenaar. Meester worden is ook niet goed denk ik. De kinderen zijn altijd druk in de klas, daar kan ik niet goed tegen.” “Luister,” zegt moeder. “Ga jij eerst maar groep acht afmaken, dan kun je volgend jaar op de Havo nog beslissen wat je worden wilt. Je hebt echt nog alle tijd en vader worden kan altijd nog.” En snel er achteraan: “Als je oud genoeg bent!” Hij kijkt angstig naar zijn moeder. “Moet ik dan ook vrijen?” Een rilling loopt over zijn rug en trekt een vies gezicht, alleen die gedachten al. Moeder lacht en aait hem over zijn bol. “Als je groot bent, dan denk je er anders over.”Dan staat hij op, geeft hij zijn moeder een kus en roept hij zijn zus. “Ga je mee boven met de knuffels spelen?”

maart 2, 2010
By on 11:40
De Poortwachter

Verdwaasd keek hij de witte ruimte rond. Niet beseffend wat hij daar deed. Op een stoel geheel rechts zat een man met een wit gewaad aan. Zijn lange maar zilverkleurig verzorgende baard viel enigszins op. Deze man stond op van zijn stoel en liep naar de man toe. “Ik ben de Poortwachter,” begon hij. “Welkom in mijn kamer, ik ben hier om jou verder te helpen.” De man keek de Poortwachter vragend aan. “Helpen? Waarmee?”

De Poortwachter liep naar de achterkant van de kamer. Opeens kwamen er drie deuren tevoorschijn. “Jij moet straks kiezen door welke deur jij wil gaan. Deze opdracht lijkt simpel maar dat zal het niet zijn. Jij moet van jezelf weten wat voor persoon jij bent, en dan de juiste deur erbij kiezen.”

De man begreep er steeds minder van, maar voor hij wat kon zeggen vertelde de Poortwachter verder. “De eerste deur is voor personen die meer van zichzelf houden dan van een ander. De tweede deur is voor personen die minder van zichzelf houden dan van een ander en de derde is voor personen die net zoveel van zichzelf houdt dan van een ander.”

De man begon te denken. “Mijn leven lang heb ik voor mijn vrouw en kinderen gezorgd. Ik heb alle dagen gewerkt en daardoor een huis voor ons kunnen kopen.  Dus zou ik deur drie moeten hebben, maar op mijn werk heb ik nooit mijn mond open durven trekken. Heb ik altijd maar ja en amen gezegd terwijl ik dat niet wilde. Hij had meer zijn mond open moeten doen en als hij de kans had… dan zou hij dat gaan doen. Dat betekent dat ik deur twee moet hebben.  En dan mijn buurvrouw en mijn zus. Beiden kwamen ze om hulp vragen en dat heb ik geweigerd. Ik wilde mijn zuurverdiende geld niet delen met hun. Zijn zus dronk te veel en hij wilde daar niets mee te maken hebben en zijn buurvrouw kon door haar ziekte niet werken. Maar moest hij daarvoor betalen? Hij had achteraf wat meer kunnen doen en als hij de kans had…. Dus zou hij deur één ook kunnen nemen.” Hij schudde zijn hoofd. “Ik weet het niet Poortwachter,” zei hij droevig. “Alle deuren zou ik kunnen nemen.” De Poortwachter liep naar hem toe. “Je weet wat je in je leven nog kunt veranderen, dat heb je zelf onder ogen durven zien. Daarom stuur ik je door deur vier… je hebt nog twee minuten om terug te keren. Ik zie je over een aantal jaren terug, wanneer jij weet welke deur jij hebben moet.” De man draaide zich om en stapte door de vierde deur. Even later hoorde hij stemmen: “Hij is er weer,” Hij kreeg de kans.

februari 8, 2010
By on 11:47